Wft premium

Het toezicht en de regels voor banken, verzekeraars en andere financiële instellingen is voor een groot deel geregeld in de Wet op het financieel toezicht (Wft). Er zijn steeds strengere regels en voorschriften waaraan een financiële instelling zich moet houden.

Hypotheek afsluiten

Een bank of verzekeraar houdt bij het afsluiten van een hypotheek rekening met verschillende factoren om de maximale hypotheek te bepalen.

  1. Het inkomen van de hypotheeknemer.
  2. De marktwaarde van de woning.
  3. Andere financiële verplichting zoals schulden of alimentatie.
  4. De rentestand en rentevast periode van de hypotheek.

Inkomen en hypotheek

De basis voor de berekening van de maximale hypotheek is het inkomen van de hypotheeknemer(s). In veel gevallen zal het inkomen bestaan uit het bruto inkomen uit werk of ondernemerschap.

Als bruto inkomen wordt gezien het jaarinkomen en daarbij opgeteld het vakantiegeld. Alle andere structurele inkomsten kunnen opgesteld worden indien de werkgever daarvoor een verklaring verstrekt. Dit wordt de werkgeversverklaring genoemd.

De werkgeversverklaring moet iedereen die inkomen uit loondienst heeft opvragen bij zijn werkgever. De intentieverklaring is alleen nodig voor medewerkers die een tijdelijke arbeidsovereenkomst hebben. Met een intentieverklaring geeft een werkgever aan het voornemen te hebben de medewerker in vaste dienst te nemen.

Op moment dat de hypotheek valt binnen de periode valt dat iemand met pensioen gaat zal er rekening gehouden moeten worden met het inkomen uit AOW en uit pensioen. In de praktijk wordt er rekening gehouden met het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd binnen 10 jaar na het afsluiten van een hypotheek.

Woningwaarde en hypotheek

De woning dienst als onderpand voor de hypotheek. Op moment dat de hypotheekgever (degene die de woning koopt) niet aan zijn verplichtingen kan voldoen, zal nadat een bepaalde procedure is doorlopen overgegaan worden tot verkoop van de woning. Voor een geldnemer (bank of verzekeraar) is het daarom van belang dat de woning een bepaalde waarde vertegenwoordigd, waartegen het bij executieverkoop verkocht kan worden. Een vuistregel is dat de executiewaarde 80% van de marktwaarde betreft. In de praktijk kan de werkelijke opbrengst zowel hoger als lager uitvallen, afhankelijk van marktomstandigheden, staat van de woning, locatie van de woning en andere factoren.

Een geldverstrekker bepaalt welke waarde de marktwaarde is. Dit kan zijn de koopprijs van de woning, koop- aanneemsom bij nieuwbouw inclusief grond, meerwerk, bouwrente, getaxeerde waarde (eventueel naar verbouwing), modelwaarde bepaling.

Vanaf 2018 is het nog maar mogelijk om 100% van de woningwaarde te financieren met een hypotheek. Vroeger kon men aanzienlijk meer lenen dan de waarde van de woning, door aanscherping van de wet- en regelgeving is dit teruggebracht. Er ontstonden teveel restschulden bij verkoop van de woning, waardoor huiseigenaren in de financiële problemen raakten.

Andere financiële verplichtingen en de hypotheek

Bij het afsluiten van een hypotheek wordt gekeken naar de huidige financiële verplichtingen. Dit kan zijn lopende kredieten. De hypotheekverstrekker toetst dit bij het Bureau Krediet Registratie (BKR) te Tiel. Tevens wordt vastgesteld of er in het verleden als achterstanden zijn geweest op het betalen van leningen of een ander hypothecair krediet.

Ook met een studieschuld wordt rekening gehouden en kinder- of partneralimentatie wordt rekening gehouden in de maximale hypotheek. Dit zal een aanzienlijk daling in de maximale hypotheek tot gevolg hebben.

Rente en hypotheek

De laatste belangrijke factor voor de hoogte van een hypotheek is de rente. Hoe hoger de rente des te lager is de maximale hypotheek. Je kunt de hypotheek afsluiten met een variabel rente maar ook een vaste rente. De rentevast periode kan zelf gekozen worden. In de praktijk kiezen veel mensen voor een 10 jaar rentevast periode. Met de huidige rente is het te adviseren om voor 20 jaar of zelfs 30 jaar vast te kiezen.

Kies je voor een langere rentevast periode dan is de rente ook iets hoger.

Voorbeeld: 10 jaar vast = 2%, 20 jaar vast = 2,3% en 30 jaar vast = 2,8%.

Dit zijn ongeveer de verschillen die op dit moment de verschillende periodes kennen. Met als gevolg enkele duizenden tot tienduizenden lagere maximale hypotheek.

0 comments

Leave a reply